Moeraki

Onze eerste pinguïns in Moeraki

Vandaag rijden we van Akaroa naar Dunedin. Een lange rit want we moeten een stukje terug rijden richting Christchurch. Onze eerste stop is Pleasant Point. We dachten dat het daar met zo’n naam wel plezant zou zijn om even te lunchen.

Om een lang verhaal kort te maken: onze lunch was nog niet verteerd of we bevonden ons plots in een Ford model T trein, de enige in de wereld, gevuld met enthousiaste bejaarden. Of we mee wilden want het zou zo leuk zijn om wat “young chaps” aan boord te hebben. De vrouw van de treinbestuurder, die even bejaard was als de trein zelf, scheurde alvast de kaartjes af en plots konden we geen nee meer zeggen. Het werd gelukkig een kort ritje op het enkele spoor naar een draaiend platform. Daar stapte de conducteur uit om eigenhandig de trein te draaien zodat we opnieuw het station binnen konden rijden. Even dacht ik dat de man een hartaanval zou krijgen – al die taartjes die die bejaarden eten helpen niet echt om zo’n trein lichter te maken – maar uiteindelijk verliep alles vlotjes.
Twintig minuten later stonden we weer in het station en kirden de vrouwen “Oh, that was a pleasant ride my dear.”. Zeg dat wel, al konden we niet snel genoeg weg zijn. Wie weet waar waren we anders nog terechtgekomen.

Pleasant Point

Dan liever een bezoekje aan het mondaine Timaru. Of zo beschrijven ze het toch zelf. Het is niet bepaald een aantrekkelijke stad en ook het weer zit niet echt mee. Toch willen we even naar Caroline Bay lopen, een mooie baai met een prachtig aangelegde promenade. Voor pinguïns zijn we iets te vroeg, maar de baai is perfect om even uit te waaien en wat krachten op de doen voor de kilometers die we nog voor de boeg hebben.

Timaru

Van Timaru rijden we naar de Moeraki Boulders. Deze ronde stenen (sommigen bijna 2m diameter) liggen verspreid op het strand in de vloedlijn. Ooit zaten ze in de rotsen, maar door erosie rolden ze er pardoes uit, op het strand.
Overdag wordt het strand platgelopen door toeristen voor de verplichte foto op zo’n rots.
Kom dus, als het kan, tegen 19u. Dan heb je het strand voor jou alleen en het is ook minder gênant om op zo’n grote bol te klauteren.

Moeraki Boulders

Rond 19u30 rijden we richting het vissersdorp Moeraki en dan verder door naar Kaitiki Point waar een mooie houten vuurtoren staat. Hier zien we onze eerste geeloogpinguïns met hun kuikens van heel dichtbij in de vrije natuur zonder een dure tour te betalen. We volgen gewoon de weg naar de houten vuurtoren (5 km via een onverharde weg) en dan de bordjes naar een houten camouflagehut van waaruit je geeloog- en blauwe pinguïns kan spotten.

Vooral de geeloogpinguïns zijn nogal op hun privacy gesteld (zowel mensen als andere pinguïns mogen niet te dichtbij komen) en hebben een bos nodig waar ze kunnen broeden en hun kuiken gedurende negen maanden grootbrengen. Vanuit de hut zie je hen uit de zee komen, na een lange dag eten zoeken op zee, en het bos inlopen om hun kuiken te voederen (tussen 15u30 en zonsondergang). Een prachtig zicht.

Kaitiki point pinguins

Maar nu komt het: voor je naar de hut loopt, zie je een hek aan de rechterkant. Af en toe staat het open (en sluit weer om 21u). Volg in dat geval gewoon het pad langs de afrastering van de vuurtoren, richting heuvels en strand. Hier raak je de pinguïns bijna aan, zo dichtbij zitten ze. Houd wel voldoende afstand, want het is natuurlijk niet de bedoeling om hen bang te maken. Het gaat hier om een bedreigde diersoort waarvan er nog maar 4.000 bestaan. Stom advies misschien, maar echt, sommige toeristen achtervolgen die beesten schaamteloos voor de perfecte “vriendin met pinguïn” foto.

Yellow Eyed pinguins

Al dat moois, we zijn er verdorie een vol kwartier stil van. Op de terugweg komen we zelfs een nestje blauwe pinguïns tegen. Zo mooi.

Little Blue pinguins

Terug in de auto realiseren we ons dat we nog geen slaapplaats hebben voor vanavond. Als een gek beginnen we hostels op te bellen. Gelukkig mogen we bij Chalet Backpackers nog binnen tot 22u, zolang we er maar niets tegen de bazin over zeggen. Geen probleem voor ons. Our mouths are shut.

Plankgas richting Dunedin dus. Onderweg komen we in dichte mist terecht wat spannend vies is (“Hoe zet je het mistlicht aan in die stomme auto?!”) en tegen 21u30 arriveren we dan toch veilig en in één stuk in studentenstad. Missie volbracht.

Mist

Praktisch:

Reis:

Van Akaroa naar Dunedin is het 414 km rijden via SH1. Een monotone rit door de Canterburry vlakte, met hier en daar een prachtig zicht op de zuidelijke alpen. Nu we aan het links rijden en de automatic gewend zijn, is dat geen enkel probleem.

Slapen:

We slapen in Chalet Backpackers, een hostel in een voormalig ziekenhuis. Zou het daarom zijn dat onze eerste kamer wat naar oude mensen ruikt? De tweede nacht krijgen we een andere kamer op de benedenverdieping. Veel beter. Al bij al een fijne hostel met veel parkeermogelijkheden.
Kostprijs: 60NZ$/kamer (met BBH card)

Categories: Nieuw-Zeeland, Oceanië