Luang Prabang

7 dingen die je niet mag missen in Luang Prabang

We zijn even volledig van de wereld geweest de afgelopen dagen. Natuurgebieden hebben nu eenmaal weinig tot geen internetverbinding, zeker niet in Laos. Het straffe is, we hebben het overleefd. Het was zelfs leuk, maar daarover meer in een volgende post.

Eerst enkele must do’s in Luang Prabang, ooit de hoofdstad van Laos en ondertussen uitgeroepen tot Unesco werelderfgoed. Dat wil niet zeggen dat het een openluchtmuseum is. Wel dat het een charmant stadje is waar traditionele houten huizen en prachtige tempels naast Europese architectuur (Laos was ooit een Franse kolonie) liggen. Combineer dat met lekker eten en drinken en elke toerist vindt het “amazing”. De ene zegt dat gewoon al wat luider dan de andere.

Dit moet je er zeker doen:

1. Onbeschaamd lui zijn

Geen idee wat het is, maar je gaat hier automatisch trager lopen. Ik durf zelfs te wedden dat we naar ons traagste tempo ooit geschakeld zijn.
Is het de warmte, de geweldig ontspannen sfeer of de neveneffecten van de slow boat, geen idee! Maar zo sloom zijn we in ons leven nog niet geweest.
Op een bepaald moment zijn we overgeschakeld op noodmaatregelen om toch iets te zien: het huren van een fiets en een brommer.

2. De stad verkennen met de fiets

Als je gewoon wat rondfietst zonder kaart kom je al snel in de kleine zijstraatjes en achterbuurtjes terecht waar het dagelijkse leven van de inwoners voorbij kabbelt. Je ziet er de meest prachtige huizen en voor je het weet sta je buiten de stad op de lokale markt, in een poepsjieke Chinese supermarkt (ja, die Chinezen zitten echt overal) of in het stadion. Het is eens wat anders dan boetiekhotels, falang restaurants en dezelfde toeristen die je steeds weer tegen het lijf loopt.
We huurden twee dagen op rij een fiets en nog hadden we het idee steeds nieuwe dingen te ontdekken, terwijl de stad maar een zakdoek groot is.
Een fiets huren doe je bij je guesthouse of hotel en kost gemiddeld 10.000 kip/dag (1 euro).

Luang Prabang: streetview

3. Naar de Kuang Si waterval met de brommer

Met de nadruk op brommer, want net dit vervoersmiddel zorgt voor een belangrijk deel van de beleving:

  • Je zit niet opgesloten met andere toeristen in een minibus of tuk tuk. Een verademing, want een uur rijden is lang als je naar “straffe verhalen” van backpackers moet luisteren en ondertussen vriendelijk moet blijven lachen en enthousiast doen. Op zich lukt dat allemaal nog en is het zelfs grappig, maar ik wil zelf kunnen beslissen wanneer het genoeg is geweest.
  • Met een brommer geniet je meer van het prachtige landschap onderweg en stop je wanneer je wil. Om te applaudisseren voor een voetbalmatch onderweg bijvoorbeeld.

Luang Prabang: op weg naar Kuang Si waterval

De Kuang Si waterval is op zich ook erg de moeite. De ene na de andere backpacker maakt er eindelijk zijn droom waar: zoals een echte Tarzan en Jane aan een liaan slingeren boven het azuurblauwe water. Om dan, de ene al wat sierlijker dan de andere, een duik in het water te nemen onder luid applaus van hun medereizigers. Maar wat echt subliem is, is dat de lokale bevolking voor één keer naar die gekke toeristen zit te staren, met de camera van de telefoon in de aanslag, in plaats van omgekeerd.

Luang Prabang: Kuang Si waterval

Waar die toeristen vervolgens in de fout gaan, is om na hun junglemoment meteen weer naar de tuk tuk te rennen. Want die moest maar eens vertrekken zonder hun. Op dat moment heb je volgens mij het beste gemist, namelijk de steile wandeling naar de top van de waterval , om daar het water over te steken (een uitdaging met flip flops die meegetrokken worden door de stroming) om daarna aan de andere kant even steil weer af te dalen (ook super gemakkelijk met flip flops – volgende keer ons gezond verstand aanzetten voor we vertrekken). De beklimming is prachtig en je bent er, op enkele andere toeristen na, helemaal alleen.

Luang Prabang: Kuang Si waterval

Op de terugweg naar Luang Prabang kom je het Beach Café tegen. Geen strand te bespeuren, maar je wordt wel getrakteerd op een prachtige zonsondergang met uitzicht op de Mekong. Een beerlao bestellen moet wel even met handen en voeten, want zoveel buitenlanders krijgen ze hier duidelijk niet over de vloer.

Luang Prabang: de weg naar Kuang Si waterval

Een brommer huren kan via je guesthouse of hotel. Wij betaalden 130.000 kip/dag (13 euro).

4. Trappen op naar de Phusi tempel

Wat je hier vooral niet moet doen, is naar de zonsondergang komen kijken. Die andere toeristen hebben dat namelijk ook in hun reisgids gelezen waardoor je, eenmaal boven, als sardientjes in een blik, naar een geel stipje zit te kijken. Of naar het hoofd van een andere toerist in mijn geval: de nadelen van klein zijn. Je komt beter ’s ochtends wanneer het wat koeler is. De beloning is ook mooier: een prachtig zicht op een ontwakende stad.

Phusi Tempel

5. Naar de zonsondergang kijken vanaf de overzijde van de rivier

Vergeet de Phusi tempel voor de zonsondergang. Als je de brug oversteekt (met brommer of fiets) en het pijltje “bamboebrug” volgt, sta je opeens op de andere oever van de rivier met een prachtig zicht op de stad en een al even mooie zonsondergang. Om lekker helemaal alleen van te genieten, want dat staat niet in de Lonely Planet. Wel even muggenmelk meenemen, want je bent daar een lekker hapje.

Zonsondergang

6. Eten!

Luang Prabang heeft meer dan genoeg goede restaurants voor mijn favoriete bezigheid: eten! Stijn wordt er soms een beetje gek van. Ik bedenk vaak ’s morgens al waar ik ’s avonds wil eten.

Onze favorieten voor het ontbijt:

Le Banneton

Hier eet je de beste croissants en koffiekoeken van heel Laos (niet zo moeilijk) en zelfs in België heb ik ze nog maar zelden zo lekker gegeten (ik weet het, een straffe uitspraak). In combinatie met een chocolat chaud is zo’n croissant een perfect Frans ontbijt. Ze hebben hier trouwens ook knapperig stokbrood (je gelooft niet hoe dat kan smaken na een maand veel te zoet toastbrood en rijst).

Le Banneton

L’étranger

Eigenlijk is dit een boekenwinkel waar je tweedehandsboeken in verschillende talen koopt en verkoopt. Daarnaast is het ook een cinema: om 19u tonen ze telkens een andere film op de bovenverdieping, waar gezellige kussens liggen en knusse stoelen staan. De filmvertoning is gratis, maar ze verwachten wel dat je iets drinkt. Geen crappy films trouwens. Wij gingen naar Argo en I give it a year. Maar, en daar wilde ik dus toe komen, ze hebben ook erg lekker ontbijt.

Joma Bakery

De plaats voor bagels en lekkere koffie. De vriendelijke bediening krijg je er gratis bij en je mag uren blijven zitten als daar zin in hebt.

Onze favorieten voor het avondeten:

Tamarind

Luang Prabang is onze eerste bestemming in Laos en dan is een restaurant als Tamarind een antwoord op onze vraag “Wat eten ze nu eigenlijk in Laos?”. Hier bestel je een tapasbord met proevertjes: geroosterde pinda’s met limoengras, gedroogd zeewier met sesam, een koek van geroosterde rijst, gedroogde zwarte champignons, … Maar ook buffel en groene papayasalade. Overheerlijk en de bediening is top. Op vrijdag en zaterdag organiseren ze kooklessen. Ik ben geen keukenprinses, maar het zag er van op afstand wel de moeite uit.

Buffel in de Tamarind

Les 3 nagas

Een naga is een mythische slang in het boeddhistische geloof van de Laotianen. Dit gezegd zijnde: als je één ding niet mag missen is het dit restaurant van het gelijknamige hotel (dat wij niet kunnen betalen). Akkoord, het is hier iets duurder dan wat we gewoon zijn, maar zeker geen doorsnee Belgische prijzen. Je eet er zeer verfijnde lokale specialiteiten, maar er staan ook Westerse gerechten op het menu. Ook niet te missen: lekkere cocktails voor 3 euro en yummie desserts. Check!

7. Yoga met uitzicht op de Mekong

Van al dat eten krijg je schuldgevoelens en word je dik. Een beetje actie kan dus geen kwaad. Utopia organiseert elke ochtend om 7u30 een yogasessie met uitzicht op de Mekong. De les zelf is niet spectaculair te noemen, maar het uitzicht absoluut wel. Er zijn slechtere manieren om de dag te beginnen.

 

Categories: Azië, Laos